Ababil
ST. ISLAMITISCH COLLEGE | BASISSCHOOL EL-FURKAN

Zorg voor de leerlingen

 

Opvang van nieuwe leerlingen in de school

Om de overgang van thuis naar school te verkleinen, vinden wij het belangrijk dat elk kind eerst een peuterspeelzaal bezoekt. Het kind zal dan eerder gewend zijn in de kleutergroep en zich daardoor sneller en beter ontwikkelen. Kinderen vanaf 1 jaar en 6 maanden kunnen na een intakegesprek met de contactpersoon van onze peuterspeelzaal, Peuterplus Ababil, worden ingeschreven.

Ouders die hun kind(eren) willen aanmelden voor de basisschool, kunnen hiervoor een afspraak maken met de directeur van de school. Hij zal, voordat uw kind(eren) word(t)(en) ingeschreven, graag eerst informatie willen hebben over uw kind(eren). Zo is het belangrijk, dat wij van (bijna) 4–jarigen een beeld krijgen van het ontwikkelingsniveau van het kind.

Als uw kind voor augustus 4 jaar wordt, kan zij/hij in de laatste 2 weken voor 10 dagdelen komen wennen op school.

Van kinderen die instromen in hogere groepen, is het van belang om inzicht te hebben in hun leerresultaten en functioneren op de vorige school. De intern begeleider zal voor deze kinderen altijd contact opnemen met de vorige school om een goed beeld te krijgen van het  des betreffende kind. Op basis van de verkregen informatie wordt een beslissing genomen over toelating. De directeur is degene die uiteindelijk het akkoord geeft ter inschrijving van uw kind op onze school. Als de school zich niet in staat acht om een kind, die bijzondere zorg nodig heeft, optimaal te kunnen begeleiden, kan van inschrijving worden afgezien.
Om ons onderwijs zo goed mogelijk aan te laten sluiten op het niveau van elk kind, wordt bij alle nieuwe leerlingen een aantal toetsen afgenomen op het gebied van rekenen, taal en lezen. Op basis van de resultaten van deze toetsen bepalen we in welke groep het kind het beste past.


Integratie gehandicapte leerlingen

Met ingang van 1 augustus 2003 is een nieuwe wet van kracht (Wet op de Expertise Centra), die ouders met gehandicapte kinderen meer vrijheid geeft bij de keuze van een school voor hun kind. Deze ouders kunnen nu ook voor het reguliere basisonderwijs kiezen in plaats van het speciaal onderwijs. Het recht op vrije onderwijskeuze van ouders betekent echter niet dat kinderen met een handicap automatisch op een reguliere basisschool worden geplaatst. De aard en de zwaarte van de onderwijsbeperking en de feitelijke onmogelijkheden van de school kunnen aanleiding zijn om niet te voldoen aan een plaatsingsverzoek van ouders.

Voor elke leerling die aangemeld wordt op onze school en waar bij aanmelding duidelijk is, dat er van de school een extra zorginvestering wordt gevraagd, wordt een individueel besluit genomen.


Het volgen van de ontwikkeling van de kinderen

In de groepen 1 en 2 wordt twee keer per jaar de ontwikkeling van de kinderen geregistreerd met behulp van een zogenoemde observatielijst. Wat kan en kent het kind al? Daarnaast wordt de woordenschat van de kinderen regelmatig getoetst. Is deze onvoldoende, dan krijgt het kind extra ondersteuning. Verder wordt in januari en juni bij alle kleuters een landelijk genormeerde Cito-toets voor taal en een voorbereidend rekenen (ordenen) afgenomen. Op basis van deze toetsen wordt de ontwikkeling van elk kind gevolgd. Als een kind in de ontwikkeling achterblijft, krijgt het extra aandacht in en buiten de groep. De resultaten van deze toetsen worden met ouders besproken tijdens de rapportgesprekken. 

In groep 3 tot en met 8 wordt naast methodegebonden toetsen eveneens gebruik gemaakt van landelijk genormeerde Cito-toetsen. Met behulp van deze toetsen worden twee keer per jaar de vorderingen op het gebied van begrijpend lezen, taal en rekenen getoetst. De resultaten van deze toetsen worden met behulp van een computerprogramma verwerkt en vervolgens besproken door de groepsleerkrachten en de intern begeleider. Voor kinderen die extra hulp nodig hebben, wordt geregistreerd welke hulp nodig is en door wie deze wordt gegeven. De leerkrachten proberen zoveel mogelijk zelf deze hulp in de klas te geven. De ontwikkeling in technisch lezen wordt gevolgd met behulp van de zogenoemde AVI-toets (Avi M en Avi E) die twee keer per jaar wordt afgenomen. Kinderen die op dit gebied in ontwikkeling achterblijven, krijgen extra leesbegeleiding in of buiten de groep.
In groep7 wordt in april de Cito-entreetoets afgenomen. Deze toets geeft de leerkracht inzicht in het niveau van ieder kind en eventuele extra hulp die een kind in het begin van groep 8 nodig heeft. De resultaten van deze toets worden besproken met ouders. Zij kunnen op basis hiervan een idee krijgen van het soort voortgezet onderwijs, dat wellicht het meest geschikt is voor hun kind(eren).
In groep 8, ten slotte, wordt de Cito-eindtoets basisonderwijs afgenomen. Net als de entreetoetsen meet deze landelijke toets de leerprestaties op het gebied van taal en rekenen. De toets wordt nagekeken door het toetsinstituut CITO, die de school en de ouders op basis van de resultaten aangeeft, welk niveau van voortgezet onderwijs een kind waarschijnlijk aankan.

In 2007 is het SPM-PRIMA Cohortonderzoek opgevolgd door COOL+ (Cohortonderzoek Onderwijsloopbanen van 5 tot 18 jaar). Hiermee wordt belangrijke informatie verkregen over individuele leerprestaties en de resultaten van de groep. Met deze informatie werken wij aan verdere kwaliteitsverbetering.

Belangrijk is om te weten, dat:

  • het onderzoek elke drie jaar in de groepen 2 , 5  en 8 plaatsvindt;
  • alleen in groep 5 afname van een IQ-test wordt afgenomen;
  • er waar mogelijk gebruik wordt gemaakt van toetsscores, die de school zelf beschikbaar heeft;
  • er enkel nieuwe instrumenten worden ingezet, waaronder een vragenlijst voor het meten van motivatie en van sociale competenties;
  • leerlingen die aan COOL+ deelnemen, blijven bij het onderzoek betrokken, óók als ze doubleren, van school veranderen of de overstap naar het voortgezet onderwijs maken.

Speciale zorg voor kinderen met specifieke behoeften

Vijf keer per jaar vindt er in elke fase een groeps- en leerlingbespreking plaats. Tijdens deze vergaderingen kunnen leerkrachten kinderen met leer- en/of gedragsproblemen aanmelden en hun collega's om advies vragen. Na de groeps- en leerlingbespreking onderneemt de leerkracht actie. Bijvoorbeeld door het opstellen van een handelingsplan, aan de hand waarvan het kind extra hulp krijgt in of buiten de klas, of door op huisbezoek te gaan om door informatie van ouders een beter beeld te krijgen van het kind. Het komt wel eens voor dat kinderen met leerstof op eigen niveau werken. Is dit niet voldoende, dan is extra handelingsgerichte hulp van een remedial teacher mogelijk. Deze hulp vindt buiten de groep plaats. Kinderen die goed kunnen leren, krijgen extra uitdagende opdrachten.

In groeps- en leerlingbesprekingen worden de genomen maatregelen geëvalueerd. Op basis hiervan wordt besloten om de extra hulp wel of niet voort te zetten of een externe deskundige in te schakelen.

De onderwijsadviseur kan met toestemming van de ouders eventueel nader onderzoek uitvoeren. Voorafgaand aan zo'n onderzoek nodigt de intern begeleider de ouders uit voor een gesprek met de onderwijsadviseur. Na afloop worden ouders opnieuw uitgenodigd voor een gesprek over de resultaten van het onderzoek en mogelijk adviezen die naar voren komen. Alle informatie over kinderen, die extra zorg behoeven, wordt verzameld door de intern begeleider. Dit dossier wordt veilig opgeborgen in een gesloten ruimte. Soms is het beter om een kind een jaar over te laten doen. Dit is bijvoorbeeld het geval als een kind over de hele linie nog niet toe is aan de volgende groep. Dit gebeurt alleen na overleg met ouders.

Heel soms kan het zijn, dat de school geen voldoende onderwijs kan bieden en dat een school met specifieke voorzieningen veel beter in staat is om aan te sluiten bij de behoefte van het kind. In zo’n geval wordt het kind met toestemming van de ouders aangemeld bij de Commissie Leerlingen Zorg (CLZ). Wanneer de CLZ vaststelt – in samenspraak met school en ouders – dat de leerling beter op zijn plaats is in het SBO, dan wordt dit voorstel voorgelegd aan de PCL (Permanente Commissie Leerlingenzorg). Deze commissie kan dan een beschikking afgeven voor plaatsing in het SBO. Ook kan worden besloten om met preventieve ambulante begeleiding van CLZ een leerling toch op de eigen school te houden.

Naast ambulante begeleiding vanuit CLZ, kunnen ouders van kinderen met een specifieke handicap (bijvoorbeeld een visuele of auditieve handicap en/of ernstige taal-spraakproblematiek) ambulante begeleiding vanuit het Speciaal Onderwijs aanvragen. Dit is mogelijk door een indicatie te vragen bij een van de vier Regionale Expertise Centra (REC's) in Midden-Nederland.

N.B.: Gemiddeld wordt op onze school slechts één kind per jaar verwezen naar een vorm van speciaal onderwijs.


Zorg Advies Team (ZAT)

Soms heeft de school zelf niet voldoende mogelijkheden om de situatie van uw kind echt te verbeteren. De school kan dan, na overleg met u, het Zorg Advies Team inschakelen. Hierbij hebben wij toestemming van u nodig om gebruik te kunnen maken van beschikbare en relevante (medische) gegevens en het dossier van uw kind. Deze deskundigen kunnen met hun specifieke kennis een bredere kijk geven op de ontwikkeling van uw kind en op wat er nodig is aan hulp of ondersteuning. Het Zorg Advies Team op school bestaat onder andere uit: de directeur(voorzitter), de intern begeleider, de schoolarts, de schoolmaatschappelijk werker, een medewerker van WSNS en een medewerker van het CJG. Zij kunnen die hulp soms zelf bieden of zij kunnen u en uw kind begeleiden naar andere hulp. Alle informatie die aan het ZAT gegeven en daar besproken wordt, blijft vertrouwelijk. Mocht u geïnteresseerd zijn in meer informatie hierover, dan kunt u contact opnemen met de intern begeleider.  


Remedial Teaching

Onze school heeft een Remedial Teacher, juf Zobira Nanhay Khan (RT’er), die handelingsgerichte hulp biedt aan leerlingen die extra zorg nodig hebben. Er wordt een periode afgesproken waarin de RT’er met het kind aan de slag gaat en daarna evalueert.

Het wordt afgesloten met een eindverslag en het resultaat wordt met de intern begeleider en de leerkracht besproken. Groepsleerkrachten kunnen ook met een hulpvraag terecht bij de RT’er. Deze denkt mee en geeft tips hoe een probleem mogelijk aan te pakken is.


Schoolmaatschappelijk werk

Onze school heeft de beschikking over schoolmaatschappelijk werkster Cilia van Hal.

Zij ondersteunt de school in de zorg voor kinderen en werkt samen met school en ouders. Ouders kunnen bij haar terecht met vragen rondom opvoeding, het gedrag van kinderen en andere zorgen of problemen. Zij is elke maandagmiddag op school aanwezig.

Mocht u een gesprek met mevrouw Van Hal willen, dan kunt u via de intern begeleider of Maatschappelijke Dienstverlening Nieuwe Waterweg, Bureau Schiedam (tel. 010-4731033) een afspraak met haar maken. In een gesprek kan zij samen met u bekijken welke mogelijkheden er zijn om u en/of uw kind verder te helpen.


Onderwijsadvies TdF

Onder begeleiding van onderwijsadviesbureau TdF wordt de komende jaren een nieuw pedagogisch-didactisch concept op Ababil ingevoerd. Dit concept is evidence based. Dat wil zeggen dat (wetenschappelijk) is aangetoond dat het concept leidt tot betere resultaten voor onze leerlingen. Daarnaast is de methode gebaseerd op de islamitische pedagogiek. Dit wil zeggen dat rekening wordt gehouden met de drie pedagogische fasen die in de islam worden onderscheiden. 


Logopedie

Kinderen die problemen hebben met spreken en/of de taal kunnen met toestemming worden onderzocht door schoollogopediste Els ten Bensel. Bij de 5-jarigen vindt dit kort logopedisch onderzoek n.a.v. observatie in de klas plaats. De logopediste bezoekt eenmaal per 14 dagen op donderdagmiddag de school.

Wanneer u zich zorgen maakt over de spraaktaalontwikkeling van uw kind of vragen hebt op het gebied van taal, spraak, stem of gehoor / luisteren kunt u bij de schoollogopediste terecht. U hoeft niet te wachten totdat de schoollogopediste uw kind in de groep ziet of totdat ze weer op school is. U kunt ook direct contact opnemen met uw huisarts voor een doorverwijzing naar de vrijgevestigde logopediste voor onderzoek en/of behandeling.


Diëtiste

Er is tweewekelijks een diëtiste op school aanwezig om advies en begeleiding te geven aan ouders en kinderen over gezonde voeding en beweging. Loop eens bij haar spreekuur naar binnen als u vragen heeft!


Centrum voor Jeugd en Gezin

Het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) is dé plek waar u terecht kunt voor vragen over opvoeden, opgroeien, verzorging en gezondheid. En voor advies, ondersteuning en hulp op maat. Het CJG is er voor ouders/verzorgers, kinderen en jongeren. Gezinscoaches, pedagogen, jeugdverpleegkundigen en artsen zorgen er samen met de ouders voor dat kinderen veilig en gezond kunnen opgroeien. 


CJG op de basisschool

In groep 2 en groep 7 wordt ieder kind uitgenodigd voor het preventief gezondheidsonderzoek. Naast controle van de groei, ogen en oren bespreekt de jeugdverpleegkundige of -arts de ontwikkeling en de gezondheid van uw kind.

In het jaar dat kinderen negen worden, krijgen zij een herhaling van de vaccinaties DTP en BMR. Bovendien krijgen meisjes in het jaar dat ze 12 jaar zijn een oproep van het CJG om zich te laten vaccineren tegen baarmoederhalskanker. Deze HPV-vaccinatie wordt drie keer gegeven. De inenting is gratis, maar niet verplicht.

U kunt met uw kind altijd bij de jeugdverpleegkundige of -arts terecht voor vragen over gezondheid, opvoeden en opgroeien. Ze geven tips en adviezen en doen zo nodig onderzoek of verwijzen door naar een specialist. Gesprekken met de jeugdverpleegkundige of -arts zijn vertrouwelijk. De jeugdverpleegkundige neemt deel aan de overleggen van het Zorgadviesteam op school, waarin zorgen over de ontwikkeling van de jongere besproken worden. Dit is in overleg met de ouders. Het CJG wil met haar diensten beter aansluiten op de vraag van ouders en jongeren. Komende jaren zal hierdoor een verandering plaatsvinden in  contactmomenten en wijze waarop deze worden aangeboden.

Contact

De jeugdverpleegkundige van  Ababil is Claudia Vermolen. Zij is te bereiken via CJG Schiedam, noordvest 20 3111 PH Schiedam, telefoon 010-2730022 .
Kijk voor meer informatie op www.cjgrijnmond.nl of bel met de Opvoedlijn 010 – 20 10 110.


Begeleiding bij de doorstroom naar het voortgezet onderwijs

Direct aan het begin van het jaar neemt de school de eerste stappen om alle leerlingen van groep 8 op een goede manier te begeleiden naar het voortgezet onderwijs. In de eerste maanden wordt gekeken of er kinderen zijn die mogelijk in aanmerking komen voor praktijkonderwijs of leerwegondersteuning (LWOO). Met dit laatste kunnen leerlingen met gedrags- en/of leerproblemen extra hulp krijgen op het reguliere VMBO. Om toegelaten te worden tot leerwegondersteuning is cognitief onderzoek vereist, het zogeheten NIO (Nederlands Intelligentie Onderzoek). Ouders van kinderen die hiervoor in aanmerking komen, worden hiervoor om toestemming gevraagd.

In het najaar wordt een algemene voorlichtingsavond over het voortgezet onderwijs georganiseerd. Op deze avond wordt informatie gegeven over de verschillende scholen van het voortgezet onderwijs, de duur, de doorstroommogelijkheden van het ene schooltype naar het andere en de inschrijving. Ruim voor de Cito-eindtoets worden ouders uitgenodigd voor een gesprek met de leerkracht van groep 8. In dit gesprek geeft de leerkracht een voorlopig advies voor het voortgezet onderwijs.

Later in het jaar nodigt de groepsleerkracht de ouders opnieuw uit voor een individueel schoolkeuzegesprek. De ouders krijgen dan advies over het type voortgezet onderwijs dat volgens de school het meest geschikt is voor hun kind. Hiervoor maakt de leerkracht gebruik van de rapportgegevens van het kind en de uitslag van de Cito-eindtoets. Van die toets krijgen de ouders een kopie. Ook ontvangen zij het adviesformulier met de rapportcijfers en het advies van de school. Zowel de uitslag van de Cito-eindtoets als het adviesformulier zijn nodig om een kind te kunnen inschrijven. De ouders ontvangen via de school een schoolgids voortgezet onderwijs met daarin alle scholen in de gemeente Schiedam. Ook een bezoek aan de scholen is mogelijk. De open dagen zijn in de gids van het voortgezet onderwijs vermeld.

Na het verlaten van de basisschool is er minstens een keer per jaar contact tussen de leerkracht van groep 8 en het voortgezet onderwijs. De basisschool ontvangt elk kwartaal de behaalde resultaten van de oud-leerlingen. 


De inzet van studenten

We vinden het belangrijk om studenten van de lerarenopleiding basisonderwijs (PABO) de mogelijkheid te bieden bij ons op school stage te lopen. Zij maken zo kennis met het onderwijsveld en oefenen zich in hun toekomstige beroep van leerkracht. Tevens maken zij kennis met onze school en onze Islamitische identiteit. Ook bieden wij studenten de mogelijkheid om hun eindstage (LIO) op onze school te volbrengen.

Andere studenten van de Roc’s (Regionale Opleiding Centrum) lopen stage voor minimaal 1 dag in de week.


Leraar in Opleiding (LIO)

Lio’ers zijn vierdejaars studenten van een lerarenopleiding basisonderwijs(PABO). De Lio’er geeft een aantal dagen van de week, voor een periode van 5 maanden, zelfstandig les aan een groep. Dit gebeurt onder supervisie van de groepsleerkracht. We willen benadrukken dat de groepsleerkracht te allen tijde de eindverantwoordelijkheid behoudt.

Doordat de Lio‘er een groot deel van het te geven onderwijs voor zijn/haar rekening neemt, is het voor ons dan ook niet meer dan logisch dat hij/zij de ouderavonden bijwoont en de gesprekken samen met de groepsleerkracht leidt. Wij gaan er als school van uit dat u als ouder de Lio‘er net zo zult benaderen als dat u dit bij de groepsleerkrachten doet. Op deze manier draagt u ook bij tot een goede voorbereiding op de werkelijke werksituatie.


Vervanging van leerkrachten

Het is niet meer zoals vroeger dat een leerkracht altijd vijf dagen werkt en daarmee de enige leerkracht van de groep is. Een klein aantal leerkrachten werkt vier of drie dagen. We kennen ook de bevordering arbeidsparticipatie ouderen (BAPO). De regeling BAPO houdt in dat leerkrachten boven de 52 jaar, met behoud van gedeeltelijk salaris, minder kunnen gaan werken. Een aantal groepen heeft hierdoor twee leerkrachten. De school beschikt over vaste vervangers, die de school en de kinderen al goed kennen. We proberen zo te regelen dat die leerkrachten de groepen vervangen, zodat er niet te veel leerkrachten voor de groep staan.


Vervanging bij ziekte van leerkrachten

Bij ziekte van leerkrachten worden de taken waargenomen door andere leerkrachten die vrij geroosterd zijn of invalleerkrachten.

Menu
ActiviteitenSchool ReizenAlle roosters

Facebook Youtube    Ababil - 2013 - SCHIEDAM | Alle rechten voorbehouden | Designed by : KOCMEDIA.EU